“En ineens besef ik het, ik heb daddy issues”


Jullie zullen onderhand wel denken dat ik één of ander pessimistisch wijf ben. Zo’n oude vrijster met zestien katten. Zo’n verbittert mens, die alleen maar kan klagen over het weer. Een feminist, die zegt dat ze geen man nodig heeft, die zegt dat ze het allemaal zelf wel kan. Een dolle Mina, maar dan niet meer zo dol. Nou, dan zal ik je even wat vertellen, dat is niet zo. Natuurlijk ben ik blij met hoe vrouwen er tot op heden voor staan. Natuurlijk ben ik trots op de gelijkenis met mannen, en natuurlijk ben ik trots op al die dames die voor ons gevochten hebben. Rosie de Riveter, die symbool stond voor de werkende vrouw. Coco Chanel, die vond dat vrouwen er goed uit konden zien én zich comfortabel konden voelen tegelijk. Beyoncé, met haar ‘Who run the world’ en Christina Aguilera en Lil Kim met ‘Can’t hold us down’. Jullie zijn geweldig. En, vrouw als ik ben, weet ik natuurlijk ABSOLUUT niet wat ik wil. Ja, ik weet dat ik er leuk uit wil zien. Ik weet dat ik wil schrijven. Maar wat ik niet weet, is wat ik met het mannelijk geslacht aan moet. Ik vind ze stom. Ik wil als een klein meisje stenen naar ze gooien. Ik wil als een puber met mijn BFF’s langs ze heen lopen en ze voor schut zetten. Ik wil ze gek maken als begin twintiger en wanneer ze te dichtbij komen hard wegrennen. Ik wil een verkeerd nummer aan ze geven. Maar tegelijkertijd wil ik ze als een klein meisje kusjes geven en snoepjes met ze delen. Wil ik ze als een puber kussen op het schoolplein en wil ik ze als begin twintiger mee naar huis nemen. Ik ben nu bijna vijfentwintig. En ik weet dat ik dit al heel vaak heb aangekaart, maar ik blijf het herhalen. IK BEN BIJNA VIJFENTWINTIG. Is dat kinderachtige gedoe nu niet een keer afgelopen? Mensen om me heen gaan trouwen, wonen samen en krijgen kinderen. Ik heb daar twee jaar geleden ook bijna aan mee gedaan maar tegenwoordig ben ik blij wanneer ik wakker word na een avond stappen. Dan lig ik alsnog in mijn eigen kots te rollen maar hey, ik word wel wakker. Een paar maanden geleden was ik zo bezopen dat ik wakker werd op straat. Ik schrok me de tyfus van een stel koplampen die op me afkwamen rijden en wist niet hoe snel ik op moest staan. En je dacht dat dat goed ging? Nee joh, ben je gek. Na zo’n drie keer proberen op te staan wist ik eindelijk met mijn zatte kop hoe ik moest fietsen. Ik hoorde in de verte nog een man schreeuwen of ik wel lekker ging. De volgende ochtend zag ik dat ik mijn tanden nog had proberen te poetsen, toch wel een beetje volwassen, want mijn tandenborstel zat onder de roze lippenstift. Ik ontbeet met een pizzabroodje van mijn vrienden bij de Lidl maar dat mocht niet baten. Het was een hel. Ik drink iedere dag een glas wijn. Of twee. Of drie. Werk me de pest pleuris en geef geld uit als water. Ik ben nog steeds iedere maand blut en vind sigaretten dan belangrijker dan fruit en groenten. Stiekem ben ik nog een puber. Soms hoor. Soms ben ik ook super volwassen. Dan zet ik bijvoorbeeld mijn vuilnis buiten en betaal ik netjes mijn rekeningen (god weet waar ze vandaan komen), en maak ik mijn huis schoon. Dat doe ik wel braaf iedere week trouwens.

Voor mijn gevoel ben ik zo geworden sinds mijn laatste relatie. Als je vanaf je vijftiende al vast zit aan bepaalde personen mis je toch een stukje jeugd denk ik. Ik weet nog wel dat vriendinnen in die periode, op de middelbare school, met alles zoenden wat los en vast zat. Ze gingen veel uit en hadden allemaal een crush op school. Ik viel toen al op oudere mannen dus ik deed daar niet aan mee. Wel heb ik een keer met iemand gezoend van school. Twee trouwens. Eén daarvan was mijn allereerste vriendje, de tweede was zijn beste vriend. Sorry man. Dat was het voor mij. We hadden in het laatste jaar een schoolgala. Iedereen trok zijn of haar mooiste pak of jurk aan, ik dus ook. Wist ik veel dat het gala één groot puber orgie was. De enige waar ik oog voor had was mijn leraar Engels, hij was mijn allereerste liefde. Ik stond met mijn vriendin te dansen, ik keek achter me en weer voor me en, weg was ze. Ze stond iets verderop te bekken met een gozer. Ja Lau, ik heb het over jou. Lau was een schoolvriendin en bijna naamgenoot van me, ze is nu getrouwd en heeft twee kids. Zie je nou? Iedereen om me heen! Mijn puberteit heeft nooit bestaan, die haal ik nu pas in. Ik ben tegendraads op het werk, wil weer niets doen de hele dag, eet (eigenlijk best wel) slecht. Zo slecht, dat de Italiaan me laatst aankeek en vroeg: “Hoe gaat het met je? Eet je wel goed? Gezond enzo?” Ik knikte overtuigend ja en terwijl ik dat deed boog zijn lange lijf zich al richting de koelkast. “Dus als ik hierin kijk vind ik groenten en fruit?” vroeg hij. “Nou, dat ook, maar er liggen ook minipizza’s en magnetron burgers in”. Hij lachte. Hij lachte zoals je vader dat ook doet. Ik haat het. Mijn vader lacht namelijk nooit zo omdat hij zelf ook slecht vreet. Maar toch weet ik hoe vaders lachen. Vaak richten ze hun hoofd naar beneden omdat jij kleiner bent, ze kijken je aan met hun vaderlijke blik en grijnzen. En als je dan Nouhouuuu zegt, pakken ze je vast en drukken ze zich tegen je aan. Dat doet dus nooit iemand bij mij behalve de Italiaan. En ineens besef ik het, ik heb daddy issues. Ik blijf bij die man omdat hij mij een vader gevoel geeft. En omdat hij een grote piemel heeft. En dat eerste plus dat laatste doet de Domino’s pizza die ik zojuist gegeten heb (helemaal op, in mijn eentje) in mijn maag iets omhoog komen.

XO

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s